Collectieve Arbeidsovereenkomst
HOOFDSTUK 12 - BIJZONDERE BEPALINGEN VOOR OIO´s
Artikel 12.1 Doel aanstelling OIOArtikel 12.2 Aard, duur en omvang dienstverband OIO
Artikel 12.3 Bezoldiging OIO
Artikel 12.4 Additionele afspraken in verband met verhoging OIO-salarissen per 01-10-2003
Artikel 12.5 Aard en omvang van de werkzaamheden
Artikel 12.6 Opleidings- en begeleidingsplan
Artikel 12.7 Functioneren OIO en evaluatieprocedure
Artikel 12.8 Geschillenregeling
Artikel 12.9 Getuigschrift
Artikel 12.1 Doel aanstelling OIO
In het aanstellingsbesluit/de arbeidsovereenkomst legt de werkgever, in overleg met de toekomstige Onderzoeker in opleiding (OIO), het doel van de aanstelling vast.
Artikel 12.2 Aard, duur en omvang dienstverband OIO
- Ingeval de OIO in dienst wordt genomen ter vervaardiging van een proefschrift (dan wel proefontwerp) bedraagt het dienstverband voor bepaalde tijd ten hoogste 4 jaar.
- In geval de OIO in dienst wordt genomen om gedurende een bepaalde tijd mee te werken aan een onderzoeksproject dan wel ter vervaardiging van een beperkt technologisch ontwerp, bedraagt het dienstverband voor bepaalde tijd ten hoogste 2 jaar.
- Ingeval daartoe naar het oordeel van de werkgever aanleiding bestaat, kan het tijdelijke dienstverband met ten hoogste 1 jaar worden verlengd (zie artikel 2.11). Deze maximumtermijn kan uitsluitend worden overschreden indien het dienstverband wordt verlengd op grond van artikel 2.9 lid 2. Op deze verlengingen is artikel 2.8 lid 1 (´conversie naar vast dienstverband´) niet van toepassing.
- Het dienstverband wordt in de regel aangegaan voor de volledige werktijd. Ingeval indienstneming in deeltijd geschiedt, wordt de aangegane duur van het dienstverband naar evenredigheid verlengd.
- De werknemer die als OIO in dienst wordt genomen wordt bezoldigd volgens de OIO-salarisschaal (opgenomen in bijlage 1 bij deze CAO.
- Bij aanvang van het dienstverband wordt aan de OIO het salaris toegekend dat in de voor hem geldende salarisschaal is vermeld achter OIO-1.
- In afwijking van het vorige lid kan bij aanvang van het dienstverband met de OIO, bij de vaststelling van het salaris rekening worden gehouden met opgedane werkervaring.
- Het salaris van de OIO wordt periodiek verhoogd tot het naast hogere bedrag van de OIO-salarisschaal. Deze periodieke verhoging wordt voor de eerste maal toegekend met ingang van de eerste dag van de maand waarin sinds zijn dienstverband een jaar is verstreken en nadien telkens na een jaar, met inachtname van het bepaalde in lid 5, lid 6 en lid 7.
- Het salaris van de OIO wordt periodiek verhoogd tot het naast hogere bedrag van de OIO-salarisschaal, tenzij de OIO naar het oordeel van de werkgever zijn functie niet naar behoren vervult. In dat geval is artikel 3.5 lid 3 onverkort van toepassing (´onthouding periodieke salarisverhoging´).
- Indien een deeltijd-dienstverband wordt aangegaan en van tevoren bekend is dat de promotieduur langer zal zijn dan 4 jaar (zie artikel 12.2 lid 1) vindt de periodieke verhoging naar de volgende trede naar evenredigheid van tijd plaats[20]
- Nadat salaristrede 4 is bereikt, wordt het salaris niet verder periodiek verhoogd.
Artikel 12.4 Additionele afspraken in verband met verhoging OIO-salarissen per 01-10-2003
- OIO´s die op 30 september 2003 in dienst zijn van een WVOI-werkgever en voor wie de periodiekdatum niet op 1 oktober ligt, worden per 1 oktober 2003 horizontaal ingeschaald in de nieuwe salarisschaal. Voor deze zittende OIO´s wordt de periodiekdatum gesteld op 1 oktober, waarbij de eerstvolgende periodieke verhoging wordt toegekend per 1 oktober 2004.
- De op 30 september 2003 specifiek voor de categorie OIO´s bestaande collectieve en individuele belonings- en vergoedingsregelingen, met uitzondering van de tegemoetkoming in de drukkosten voor proefschriften, zijn per 1 oktober 2003 vervallen.
- OIO´s die op 30 september 2003 in dienst zijn van een WVOI-werkgever en die als gevolg van het overeengekomen ingroeitraject en als gevolg van het vervallen van bestaande belonings- en vergoedingsregelingen, er in hun inkomen op achteruitgaan, worden voor het verschil volledig gecompenseerd.
Artikel 12.5 Aard en omvang van de werkzaamheden
- De OIO verricht wetenschappelijk onderzoek en legt de resultaten hiervan vast in een proefschrift dan wel proefontwerp, in een technologisch ontwerp dan wel in een of meer wetenschappelijke producties.
- De omvang van de werkzaamheden, bedoeld in het vorige lid, vermeerderd met de omvang van de daarbij te ontvangen opleiding en begeleiding als omschreven in het opleidings- en begeleidingsplan, bedraagt, gerekend per jaar niet minder dan 75% van de tijd waarvoor de OIO in dienst is genomen.
- De OIO kan niet worden belast met het verrichten van beheerstaken
Artikel 12.6 Opleidings- en begeleidingsplan
- De werkgever ziet er op toe dat, na overleg met de OIO en in overeenstemming met de aangewezen promotiebegeleider dan wel promotor, voor iedere OIO een op hem afgestemd opleidings- en begeleidingsplan wordt vastgesteld en dat dit plan binnen 3 maanden na de indienstneming aan de OIO wordt uitgereikt.
- De OIO wordt niet in dienst genomen dan nadat op grond van het opleidings- en begeleidingsplan is komen vast te staan dat aan hem de vereiste universitaire opleiding en begeleiding zal worden gegeven met inbegrip van het daartoe vereiste onderwijs.
- Het opleidings- en begeleidingsplan wordt tegen het einde van het eerste jaar voor de verdere duur van het dienstverband nader ingevuld en wordt zonodig van jaar tot jaar bijgesteld.
- Onverminderd het bepaalde in het tweede lid worden in het opleidings- en begeleidingplan in ieder geval vastgelegd:
a. welke kennis en vaardigheden dienen te worden verworven en op welke wijze dit
dient plaats te vinden;
b. wie voor de OIO optreedt als begeleider, wie de promotor is en dat de OIO bij de
aanvang van zijn promotieonderzoek alsmede op die momenten die beslissend
zijn voor de voortgang van het onderzoek, doch ten minste eenmaal per jaar,
een gesprek heeft over zijn promotieonderzoek met de promotor;
c. de omvang in uren per maand van door de aangewezen begeleider dan wel
promotor te geven persoonlijke begeleiding waarop de OIO ten minste recht
heeft. - In verband met scholing en competentieontwikkeling zal er met de OIO’s, tijdens hun jaarlijkse plannings- en evaluatiegesprek, vanaf 2007 verplicht overleg worden gevoerd over het inzetten van de waarde van maximaal 10 vakantieverlofdagen per jaar ten behoeve van carričregerichte maatregelen. De waarde van de 10 verlofdagen wordt weergegeven in een voor iedere OIO beschikbaar budget per OIO-jaar (1 t/m 4). Het verplichte cursusaanbod blijft voor rekening van de werkgever komen.
Artikel 12.7 Functioneren OIO en evaluatieprocedure
- Een jaar nadat de OIO in dienst is genomen wordt het functioneren van betrokkene, tegen de achtergrond van het opleidings- en begeleidingsplan en de doelstellingen van het dienstverband, geëvalueerd.
- De werkgever stelt voorschriften vast met betrekking tot de evaluatieprocedure en de bij de evaluatie van de onderzoekers in opleiding te hanteren criteria.
Artikel 12.8 Geschillenregeling
De werkgever stelt regels vast omtrent de beslechting van geschillen die zich tussen de OIO en de bij zijn opleiding en begeleiding betrokken personen en organen, kunnen voordoen.
- Door of namens de werkgever wordt bij beëindiging van het dienstverband aan de OIO een getuigschrift uitgereikt.
- Dit getuigschrift bevat in ieder geval:
a. een kort overzicht van het verrichte onderzoek alsmede een opgave van de
publicaties met betrekking tot dit onderzoek;
b. een overzicht van het door de OIO gevolgde onderwijs.
